Groeiend aantal grote steden voert milieuzones in om uitstoot binnensteden te verminderen

Steeds meer grote steden binnen en buiten Nederland voeren milieuzones in om de uitstoot in binnensteden te verminderen. Dit heeft twee redenen, namelijk het verbeteren van de luchtkwaliteit en het verminderen van de uitstoot van schadelijke stoffen zoals CO₂ en stikstofoxiden. In deze milieuzones mogen voertuigen die voor een bepaald jaar zijn gebouwd niet meer rijden. Welk jaar dit is verschilt per stad. Wie alsnog met een verboden voertuig de milieuzone betreedt, riskeert een boete. De milieuzone geldt niet alleen voor personenvervoer, maar ook voor andere toepassingen die gebruik maken van verbrandingsmotoren op fossiele brandstoffen, zoals scheepvaart en de bouw. Dit kan grote invloed hebben op de energievoorziening van projecten; het is mogelijk dat dieselaggregaten in de toekomst niet zomaar meer kunnen worden ingezet bij projecten in milieuzones.

Waarom milieuzones?

In 2009 werd langs 1100 kilometer weg een te hoge concentratie stikstofdioxide geconstateerd. In 2015 is dit teruggebracht naar minder dan 10 kilometer. Vooral in de binnensteden en op drukke wegen was sprake van te hoge waarden. Doordat auto’s schoner werden en de gemeentes plannen op maat maakten, konden de waardes worden teruggebracht.

Het invoeren van milieuzones draagt bij aan het verminderen van de uitstoot in binnensteden. Tot nu toe worden milieuzones alleen in grote steden ingevoerd. Wanneer een dergelijk concept landelijk wordt ingevoerd, kunnen milieuzones echter grote gevolgen hebben voor de mobiliteit van de bevolking. Dit is op het moment al een probleem voor automobilisten, transportbedrijven en ondernemingen die aggregaten inzetten op verschillende locaties in Europese steden. Aangezien het invoeren van milieuzones onderdeel is van lokaal beleid, verschillen de regels waaraan moet worden voldaan per land en stad. Het constant raadplegen van de regelgeving per stad en het hierop aanpassen van de in te zetten middelen is een tijdrovende bezigheid. Vanuit de EU ontbreekt echter nog de bereidheid om na te denken over een uniform beleid. Door het invoeren van een dergelijke maatregel zullen nieuwe innovatieve oplossingen moeten worden ingezet.

Milieuzones Nederland voor personenvervoer

Momenteel kent Nederland vier milieuzones voor personenvervoer, namelijk in Amsterdam, Arnhem, Rotterdam en Utrecht. In Amsterdam kunnen inwoners sinds 2017 geen parkeervergunningen meer krijgen voor bepaalde auto’s. Dit geldt voor dieselauto’s van voor januari 2005 en benzineauto’s voor juli 1992. Ook zijn brommers en scooters van voor januari 2011 niet meer toegestaan.

Utrecht laat geen dieselauto’s van voor 2001 toe in haar binnenstad en vanaf 2020 alleen nog elektrische brommers en scooters. Vanaf 2030 geldt zelfs dat alleen voertuigen zonder uitstoot nog de binnenstad in mogen. In Arnhem geldt vanaf januari 2019 een verbod op dieselauto’s van voor januari 2014.

Rotterdam, daarentegen, heft haar huidige milieuzone op in januari 2020. Tot die tijd zijn dieselauto’s van voor 2001 niet toegestaan in de binnenstad. De gemeente werkt aan een nieuw plan omtrent de milieuzone.

De gemeenteraden in enkele andere steden zijn tevens bezig met het eventuele invoeren van milieuzones. In Nijmegen en Den Haag wordt overwogen om een milieuzone in te voeren voor brommers en scooters. Ook in Maastricht wordt de mogelijkheid van een milieuzone inmiddels overwogen.

Voor vrachtverkeer zijn al meerdere milieuzones ingevoerd. Steden die een dergelijke milieuzone hanteren zijn Amsterdam, Arnhem, Breda, Delft, Den Bosch, Den Haag, Eindhoven, Leiden, Maastricht, Rijswijk, Rotterdam, Tilburg en Utrecht. De eisen waaraan een truck moet voldoen om de milieuzone te mogen betreden verschillen per stad. Aan de hand van een kentekencheck kan men van te voren controleren of het voertuig een milieuzone in mag.

Milieuzone diesel

Milieuzones zijn doorgaans het strengst voor voertuigen die op diesel rijden. Dit omdat bij de verbranding van diesel meer stikstofoxiden vrijkomen dan bij de verbranding van benzine. Deze stikstofoxiden zijn schadelijk voor de gezondheid wanneer er teveel in het milieu belanden. Om de luchtkwaliteit in binnensteden, waar vaak veel verkeersdrukte heerst, te kunnen waarborgen worden oude dieselauto’s mede hierom uit de binnenstad geweerd door middel van milieuzones.

In 2015 kwam een schandaal boven water bij dieselauto’s van een bepaalde fabrikant. Door met software te knoeien leek het bij tests alsof auto’s een stuk schoner waren dan in de praktijk het geval was. Zo konden auto’s die niet aan de milieueisen voldeden toch door de tests komen. Sinds dit schandaal werden steeds meer milieuzones ingevoerd. Dat auto’s op diesel zuiniger rijden dan op benzine is bij nieuwere modellen ook niet meer waar; uit tests komt nog weinig verschil naar voren. Inmiddels blijkt ook dat nieuwe modellen dieselauto’s niet significant minder CO₂ uitstootten dan auto’s op benzine. Het verschil tussen beide motoren is zeer klein geworden.

Ook het produceren van een dieselmotor en het verkrijgen van diesel in raffinaderijen brengt een hogere CO₂-uitstoot met zich mee dan de productie van benzinemotoren en het winnen van benzine. Bij de gemiddelde levensduur van een benzineauto vindt een totale uitstoot van 39 ton CO₂ plaats. Bij dieselauto’s is dit 42,65 ton.

NRMM emissiewetgeving

Voertuigen en machines buiten de transportsector moeten tevens aan verschillende eisen voldoen binnen de milieuzone. Hiervoor is de NRMM emissiewetgeving opgesteld, wat staat voor Non-Road Mobile Machinery. Hieronder valt onder andere de scheepvaart, maar ook bouwmachines en treinen. De meest recent aangescherpte eisen, bekend onder de naam Fase V, gelden vanaf 2019 voor motoren onder 300 kW. Vanaf 2020 zijn deze eisen tevens van toepassing op nieuwe motoren boven 300 kW. Dit stimuleert fabrikanten om betere roetfilters en katalysatoren in de motoren te plaatsen.

Een andere manier om de uitstoot in de sector NRMM te verminderen, is het maken van duidelijke afspraken rond stationair draaien. Een groot deel van de tijd wanneer motoren draaien, worden ze niet daadwerkelijk gebruikt, wat tot onnodig hoge emissies leidt. Zo komt 10% van de CO₂-uitstoot en bijna de helft van de NOX-uitstoot bij treinen voort uit stationair draaien.

Milieuzones en aggregaten

Niet alleen in de transportsector worden de eisen rond milieuvriendelijkheid aangescherpt. Ook aggregaten moeten aan verschillende voorwaarden voldoen. Zo bleek uit een onderzoek in Amsterdam in 2015 dat de lokale concentratie van roet en fijnstof nabij aggregaten aanzienlijk hoger ligt dan elders in de omgeving. Het verbieden van aggregaten in sommige gebieden is geen optie; sommige locaties, zoals een ziekenhuis, moeten te allen tijden beschikking hebben over voldoende stroom. Ook op een event zoals een festival is een constante stroomaanvoer onmisbaar.

Dieselaggregaat zijn wellicht een vaak gekozen oplossing, maar door de aangescherpte regels rond de uitstoot van dieselmotoren in milieuzones is het soms niet altijd mogelijk om deze in te zetten. In dit soort situaties kunnen aggregaten op biodiesel of zonne-energie een uitkomst bieden. Bredenoord biedt verschillende alternatieven voor situaties waarin een reguliere dieselaggregaat niet ingezet kan worden. Binnen de Clear Concept lijn biedt Bredenoord aggregaten waarbij brandstofceltechnologie wordt ingezet en hybride combinaties. Denk bijvoorbeeld aan batterijen in combinatie met een netaansluiting of kleinere aggregaten of in combinatie met kleinere aggregaten en zonnecellen.

Milieuzones als onderdeel van de klimaatdoelstelling

Auto’s en bestelbussen zijn verantwoordelijkheid voor zo’n 15% van de CO₂-uitstoot in de Europese Unie. De Europese Commissie heeft emissiestandaarden vastgesteld voor zowel personenvervoer als zwaarder transport en voertuigen die geen gebruik maken van de wegen. Alle nieuwe voertuigen moeten sinds 2017 aan striktere eisen voldoen. Of de voertuigen hieraan voldoen wordt getest in zowel de praktijk als in laboratoria. Dit alles om een gezonde luchtkwaliteit te waarborgen en de CO₂-uitstoot terug te brengen.

De CO₂-normen voor personenauto’s en bestelbussen zijn onlangs aangescherpt. Vanaf 2025 moet de uitstoot 20% teruggebracht zijn. In 2030 moet de reductie zijn opgevoerd tot 40%. Het invoeren van milieuzones waarin bepaalde voertuigen niet worden toegelaten stimuleert daarnaast het aanschaffen van schonere voertuigen. Een andere EU-richtlijn die bijdraagt aan het terugbrengen van de uitstoot is het streven naar een aandeel van 35% emissiearme of emissievrije auto’s in het personenvervoer.

Het staat de individuele lidstaten echter vrij om zelf in te vullen hoe deze doelen behaald moeten worden.

De alternatieven van Bredenoord

Om de energietransitie zo goed mogelijk te doorlopen is het belangrijk dat iedereen haar steentje bijdraagt. Bredenoord vindt het belangrijk om haar verantwoordelijkheid te nemen op dit gebied, losstaand van ons kerndoel om voor alle denkbare situaties een geschikte energieoplossing te kunnen leveren.

Voor werkzaamheden in milieuzones biedt Bredenoord dan ook verschillende alternatieven vanuit de Clear Concept lijn. De nieuwste en schoonste motoren in deze lijn voldoen momenteel aan de stage III emissiestandaarden. Ook voldoen deze motoren aan de eisen van stage V, die binnenkort van kracht gaat. In de Clear Concept lijn vindt u onder andere aggregaten op HVO biodiesel, verschillende batterijen, combinaties met zonne-energie en DeNOx-installaties. Neem gerust contact op met onze experts voor een advies op maat.

Margien Storm Van Leeuwen

Margien Storm van Leeuwen
Manager Marketing, Communicatie & New Business

Fill 6 m.stormvanleeuwen@bredenoord.nl
+31 6 46192978
mijn LinkedIn profiel

Ontvang Bredenoord updates via LinkedIn